
Vrijgevige Nederlanders geven om gezondheid
Even voorstellen: onze nieuwe columnist Marcel Levi
- Filantropie
- Opinie
Nederlanders mogen dan de naam hebben om zuinig te zijn, maar we behoren wel tot de Eu-ropeanen die het meeste geven aan goede doelen. Rond de 80% van de mensen in ons land geeft jaarlijks een donatie aan één of meer liefdadigheidsorganisaties. Vergelijk dat maar eens met Frankrijk, waar minder dan 40% van de mensen ooit iets aan een goed doel schenkt. De Nederlandse vrijgevigheid is ook een stuk groter dan die van onze buren België en Duitsland.
Met rijkdom heeft het allemaal niet veel te maken. De meest vrijgevige landen kun je vinden in Afrika. En ook toont onderzoek in rijke Westerse landen dat vermogende huishoudens een beduidend kleiner deel van hun inkomen weggeven dan gezinnen die minder te besteden hebben. Gemiddeld geven minder bedeelde mensen een ongeveer twee keer zo groot deel van hun vermogen aan goede doelen dan miljonairs.
Anders dan in andere landen zijn veel van onze donaties anoniem. Dus in ons land zal je niet snel imposante ziekenhuisvleugels of concertzalen aantreffen die de naam dragen van een grote donor. Dat vinden we kennelijk een tikje ordinair of wellicht worden we in ons land toch nog steeds enigszins beïnvloed door de Calvinistische leer die predikt dat een mens goede werken in stilte verricht.
Ziekte en gezondheid
Nederland onderscheidt zich van andere landen ook met de doelen waar we financieel aan bijdragen. We geven graag aan fondsen die zich bezighouden met ziekte en gezondheid en alles bij elkaar een aanzienlijk deel van onze medische research ondersteunen. De Nederlandse Hartstichting en het Koningin Wilhelmina Fonds behoren tot de grootste financiers van onderzoek op het gebied van respectievelijk hart- en vaatziekten en kanker in ons land.
Natuurlijk wordt ook in andere landen veel gegeven aan gezondheidsfondsen en medische research, maar daar hebben andere doelen vaak een hogere prioriteit. In Engeland, het meest filantropische land van Europa, staan donaties voor dierenwelzijn voorop. De Royal Society for the Prevention of Cruelty to Animals (RSPCA) ontvangt jaarlijks 175 miljoen euro van donoren.
Ezels
Ook opvallend zijn de meer dan 55 Britse steunorganisaties voor ezels. In Italië, Frankrijk en natuurlijk de USA wordt heel veel geld gedoneerd aan kunst, musea en andere culturele instellingen. En waar in Westerse landen liefdadigheidsorganisaties voor internationale humanitaire hulp altijd wel ergens in de top-5 staan, is deze categorie in Aziatische landen relatief bescheiden en wordt veel meer gedoneerd voor religieuze doelen.
De Nederlandse preoccupatie voor het ondersteunen van gezondheidsfondsen past goed bij de prioriteit die wij aan gezondheid geven. Bij enquêtes naar wat mensen het belangrijkste in hun leven vinden staan in de meeste Europese landen zaken als vrijheid, familie en vrienden, economische voorspoed of succes bovenaan terwijl in Nederland vrijwel altijd gezondheid de nummer één positie inneemt. In Nederlandse media gaat een aanzienlijk deel van de inhoud ook over gezondheid en gezondheidszorg.
Blessures
In Amerikaanse of Engelse kranten en televisieprogramma’s is dat een heel stuk minder en in Zuid-Europese landen gaan medische berichten vooral over blessures van voetballers, ziektes bij celebrities en doping. En kennelijk vertaalt de Nederlandse aandacht en bezorgdheid voor onze gezondheid zich in ruimhartig geefgedrag aan gezondheidsfondsen.
Sommige sociale wetenschappers betogen dat we in Nederland zaken als vrijheid of welvaart zo langzamerhand als vanzelfsprekend aannemen en ons daarom meer focussen op gezondheid van onszelf en onze naasten als een voorwaarde voor een prettig leven tot op hoge leeftijd. En dus ook meer bereid zijn doelen die de gezondheid verder bevorderen te ondersteunen. En dat is eigenlijk wel een plezierige gedachte.
Profiel Marcel Levi:
‘Met 5 uur slaap heb ik 15 jaar extra werktijd’
Met slechts vijf uur slaapbehoefte is prof. dr. Marcel Levi (1964) een man met welhaast grenzeloze energie. Als druk bezette voorzitter Raad van Bestuur bij de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO, sinds 2021) vraagt hij aandacht en financiële middelen voor de wetenschap. Daarnaast vindt hij tijd om wekelijks op te treden als hoogleraar geneeskunde aan de UvA en als internist in het AMC.
In de voetsporen van zijn vader, die ook medicus was, volgde Levi na het Vossius Gymnasium in Amsterdam de studie Geneeskunde. Promotie in 1991, postdoc in Leuven en enige jaren later werd hij hoogleraar in Amsterdam, decaan van de geneeskunde-faculteit en bestuursvoorzitter van het AMC. Tijdens de coronacrisis draaide hij mee op de intensive care. In 2017 ging Levi naar Londen, waar hij CEO werd van de University College London Hospitals met zeventien ziekenhuizen.
Naast een waslijst aan nevenfuncties schrijft Levi prikkelende columns voor o.a. Het Parool, Medisch Contact en HP/De Tijd. Intussen zag hij kans een nier te doneren aan een onbekende patiënt, maakt hij medische podcasts en is hij een bekend gezicht geworden in de media als duider van alle mogelijke zaken met als gemene deler het welzijn der mensheid.
In 2016 werd Levi door EWmagazine uitgeroepen tot Nederlander van het Jaar. Al met al is hij een man die met een vernieuwende blik naar de toekomst kijkt en nooit verlegen zit om een ongezouten mening. Voor zijn rust verblijft Levi in Italië om te fietsen en te koken.
(Met dank aan Floris Kappelle)